Ellen G. White Writings

<< Back Forward >>

De Wens der Eeuwen, Table of Contents

Inhoud 2
Voorwoord 5
Hoofdstuk 1—“God met ons” 9
Hoofdstuk 2—Het uitverkoren volk 16
Hoofdstuk 3—”De volheid des tijds” 20
Hoofdstuk 4—”U is de Heiland geboren” 26
Hoofdstuk 5—De voorstelling in de tempel 31
Hoofdstuk 6—“Wij hebben Zijn ster gezien” 38
Hoofdstuk 7—De kinderjaren 45
Hoofdstuk 8—Op het Pascha 52
Hoofdstuk 9—Dagen van strijd 61
Hoofdstuk 10—De stem in de woestijn 69
Hoofdstuk 11—De doop 80
Hoofdstuk 12—De verzoeking 85
Hoofdstuk 13—De overwinning 95
Hoofdstuk 14—“Wij hebben de Messias gevonden” 101
Hoofdstuk 15—Op het bruiloftsfeest 112
Hoofdstuk 16—In Zijn tempel 121
Hoofdstuk 17—Nicodemus 132
Hoofdstuk 18—“Hij moet wassen” 141
Hoofdstuk 19—Bij de Jakobsbron 145
Hoofdstuk 20—“Indien gijlieden geen tekenen en wonderen ziet” 156
Hoofdstuk 21—Bethesda en het Sanhedrin 160
Hoofdstuk 22—Gevangenneming en dood van Johannes de Doper 174
Hoofdstuk 23—“Het Koninkrijk Gods is nabijgekomen” 186
Hoofdstuk 24—“Is dit niet de zoon van de timmerman?” 191
Hoofdstuk 25—De roeping bij het meer 199
Hoofdstuk 26—Te Kapernaüm 205
Hoofdstuk 27—“Gij kunt mij reinigen” 215
Hoofdstuk 28—Levi Mattheüs 225
Hoofdstuk 29—De Sabbat 234
Hoofdstuk 30—Hij stelde er twaalf aan 242
Hoofdstuk 31—De bergrede 250
Hoofdstuk 32—De Hoofdman 266
Hoofdstuk 33—Wie zijn mijn broeders? 271
Hoofdstuk 34—De uitnodiging 278
Hoofdstuk 35—“Zwijg, wees stil” 283
Hoofdstuk 36—De aanraking van het geloof 292
Hoofdstuk 37—De eerste evangelisten 297
Hoofdstuk 38—Komt, rust een weinig 307
Hoofdstuk 39—“Geeft gij hun te eten” 312
Hoofdstuk 40—Een nacht op het meer 323
Hoofdstuk 41—Het keerpunt in Galilea 329
Hoofdstuk 42—Overlevering 341
Hoofdstuk 43—Scheidsmuren neergehaald 345
Hoofdstuk 44—Het ware teken 350
Hoofdstuk 45—De voorafschaduwing van het kruis 356
Hoofdstuk 46—Hij werd verheerlijkt 365
Hoofdstuk 47—Dienstbetoon 370
Hoofdstuk 48—Wie is de grootste? 375
Hoofdstuk 49—Op het Loofhuttenfeest 386
Hoofdstuk 50—Te midden van valstrikken 393
Hoofdstuk 51—Het licht des levens 402
Hoofdstuk 52—De Goddelijke Herder 415
Hoofdstuk 53—De laatste reis vanuit Galilea 421
Hoofdstuk 54—De barmhartige Samaritaan 431
Hoofdstuk 55—Niet met uiterlijke vertoning 438
Hoofdstuk 56—Het zegenen van de kinderen 443
Hoofdstuk 57—”Eén ding ontbreekt u” 448
Hoofdstuk 58—”Lazarus, kom uit!” 453
Hoofdstuk 59—Samenzwering van de priesters 465
Hoofdstuk 60—De wet van het nieuwe koninkrijk 473
Hoofdstuk 61—Zacheüs 478
Hoofdstuk 62—Het feest in het huis van Simon 483
Hoofdstuk 63—”Uw Koning komt” 494
Hoofdstuk 64—Een ten ondergang gedoemd volk 503
Hoofdstuk 65—De tempel opnieuw gereinigd 510
Hoofdstuk 66—Strijd 522
Hoofdstuk 67—Wee over de Farizeeën 531
Hoofdstuk 68—In de buitenste voorhof 542
Hoofdstuk 69—Op de Olijfberg 548
Hoofdstuk 70—”Eén van deze Mijn minste broeders” 558
Hoofdstuk 71—Een dienstknecht van dienstknechten 563
Hoofdstuk 72—”Tot Mijn gedachtenis” 572
Hoofdstuk 73—Uw hart worde niet ontroerd 581
Hoofdstuk 74—Gethsemane 599
Hoofdstuk 75—Voor Annas en het hof van Kajafas 609
Hoofdstuk 76—Judas 624
Hoofdstuk 77—In het gerechtsgebouw van Pilatus 631
Hoofdstuk 78—Golgotha 649
Hoofdstuk 79—”Het is volbracht!” 664
Hoofdstuk 80—In het graf van Jozef 675
Hoofdstuk 81—”De Here is opgestaan!” 685
Hoofdstuk 82—“Waarom weent gij?” 692
Hoofdstuk 83—De wandeling naar Emmaüs 698
Hoofdstuk 84—“Vrede zij u” 703
Hoofdstuk 85—Nog eens bij het meer 709
Hoofdstuk 86—“Gaat heen, onderwijst alle volkeren” 716
Hoofdstuk 87—“Naar Mijn Vader en uw Vader” 728