Ellen G. White Writings

<< Back Forward >>

«Back «Prev. Pub. «Ch «Pg   Pg» Ch» Forward»

Ereste Geschriften, Page 340

toegelaten werd om de heiligen om te brengen, Satan en zijn ganse boze heir, en alien die God haten, tevreden gesteld zouden zijn. En o, welk een triomf zou het wezen voor zijn sataniese majesteit om in de laatste kamp macht te hebben over degenen, die zulk een lange tijd gewacht hadden om Hem, die zij liefhadden, te aanschouwen! Zij, die gespot hebben over de gedachte, dat de heiligen zullen opvaren, zullen getuigen zijn van de zorg, welke God bewijst aan Zijn kinderen, en zullen hun heerlike verlossing aanschouwen.

Toen de heiligen de steden en dorpen verlieten, werden zij achtervolgd door de goddelozen, die hen zochten te doden. Maar de zwaarden, welke opgeheven werden om Gods volk te doden, vielen machteloos neder, of het strohalmen waren. Engelen Gods beschutten de heiligen. Terwijl zij dag en nacht om uitkomst riepen, kwam hun geroep op tot de Heer.

*****

HOOFDSTUK 37: VERLOSSING VAN DE HEILIGEN

GOD verkoos om Zijn volk om middernacht te ver lessen. Terwijl de goddelozen rondom hen aan het spotten waren, verscheen plotseling de zon, in zijn voile kracht schijnende, en de maan stond stil. De goddelozen blikten met verbazing op dit toneel, terwijl de heiligen met stille vreugde de tekenen van hun verlossing beschouwden. Tekenen en wonderen volgden elkander snel op. Alles scheen uit zijn natuurlike loop gekeerd te zijn. De stromen hielden op te vloeien. Donkere, zware wolken kwamen op, en stootten tegen elkander. Maar er was één heldere plek van voortdurende glorie, waaruit Gods stem klonk, gelijk de stem van vele wateren, die de hemel en de aarde deed schudden. Er was een machtige aardbeving. De graven werden geopend, en degenen, die in het geloof gestorven waren,

«Back «Prev. Pub. «Ch «Pg   Pg» Ch» Forward»