Ellen G. White Writings

<< Back Forward >>

«Back «Prev. Pub. «Ch «Pg   Pg» Ch» Forward»

Ereste Geschriften, Page 346

wordt overgelaten om de rol, die hij sedert zijn val gespeeld heeft, te overdenken, en om met schrik en beven uit te zien naar de vreselike toekomst, wanneer hij moet lijden voor al het kwaad dat hij gedaan heeft, en gestraft worden voor al de zonden, die hij heeft veroorzaakt.

Ik hoorde de triomfkreten van de engelen en van de verloste heiligen, klinkende gelijk tien duizend muziekinstrumenten, omdat zij niet langer door Satan gehinderd en verzocht zouden worden, en omdat de bewoners van andere werelden verlost waren van zijn tegenwoordigheid en van zijn verleiding.

Toen zag ik tronen, en Jezus en de verloste heiligen zaten daar op; en de heiligen heersten als koningen en priesters voor God. Christus met Zijn volk oordeelde de goddeloze doden, hun daden toetsend aan het wetboek, het woord van God; en ieder geval beslissend naar hetgeen zij in het lichaam gedaan hebben. Zij bepaalden voor de goddelozen wat zij moesten lijden, overeenkomstig hetgeen zij gedaan hadden; en het werd tegenover hun namen geschreven in het boek des doods. Ook Satan en zijn engelen werden door Jezus en de heiligen geoordeeld. Satans straf zal veel zwaarder zijn dan die van degenen, welken hij verleid heeft. Zijn lijden zal zoveel zwaarder zijn dan het hunne, dat het er niet mede vergeleken kan worden. Nadat alien, die hij verleid heeft, omgekomen zijn, moet Satan nog veel langer voortleven en lijden.

Nadat het oordeel over de goddeloze doden geēindigd was, aan het einde van de duizend jaren, verliet Jezus de stad, en de heiligen en een gevolg van het engeleheir volgden Hem. Jezus daalde neder op een grote berg, welke, zodra Zijn voeten die aanraakten, zich in tweeēn spleet, en een grote vallei vormde. Toen zagen wij opwaarts en aanschouwden de grote en prachtige stad, met twaalf fondamenten en twaalf poorten, drie aan iedere zijde, en een engel bij een iedere poort. Wij riepen uit: “De stad! de grote stad! hij komt neder van God uit de hemel!” En de stad kwam neder in al zijn pracht en verblindende schoonheid, en rustte op de grote vlakte, welke Jezus er voor bereid had.

«Back «Prev. Pub. «Ch «Pg   Pg» Ch» Forward»