Ellen G. White Writings

<< Back Forward >>

«Back «Prev. Pub. «Ch «Pg   Pg» Forward»

Ereste Geschriften, Page 349

sluit de poorten van de stad, en dit ontzaglike leger omsingelt deze, en stelt zich in slagorde, in afwachting van een hevige strijd.

Jezus en het ganse engeleheir en al de heiligen, met de glinsterende kronen op hun hoofden klimmen bovenop de muur van de stad. Jezus spreekt met majesteit, zeggende: “Aanschouwt, gij zondaren, het loon der rechtvaardigen! En aanschouwt, Mijn verlosten, het loon van de goddelozen!” De ontzaglike menigte ziet het glorierijke gezelschap op de muren van de stad. En wanneer zij de pracht van hun glinsterende kronen aanschouwen, en hun aangezichten zien, blinkend van heerlikheid, en die het beeld van Jezus weerkaatsen, en dan de onovertreffelike heerlikheid en majesteit van de Koning der koningen en de Heer der heren aanschouwen, begeeft hun de moed. Een besef van de schatten en de glorie, die zij verloren hebben, komt over hen, en zij verstaan dat de bezoldiging der zonde de dood is. Zij zien het heilige, gelukkige gezelschap, dat zij veracht hebben, bekleed met heerlikheid, eer, onsterflikheid en het eeuwige leven, terwijl zij buiten de stad gesloten zijn met alles wat laag en verachtelik is.

*****

HOOFDSTUK 41: DE TWEEDE DOOD

Satan spoedt zich tot in het midden van zijn volgelingen, en tracht de menigte aan te zetten om te handelen. Maar vuur van God uit de hemel regent op hen, en de grote mannen, en de machtigen, de edelen, de armen en de ellendigen, worden alien tezamen verteerd. Ik zag dat sommigen snel vernietigd werden, terwijl anderen langer leden. Zij werden gestraft naar hetgeen zij in het lichaam gedaan hadden. Bij sommigen duurde het vele dagen, voordat zij verteerd waren, en juist zolang

«Back «Prev. Pub. «Ch «Pg   Pg» Forward»