Loading...
Larger font
Smaller font
Copy
Print
Contents
Uit De Schatkamer Der Getuigenissen, vol. 1 - Contents
  • Results
  • Related
  • Featured
No results found for: "".
  • Weighted Relevancy
  • Content Sequence
  • Relevancy
  • Earliest First
  • Latest First
    Larger font
    Smaller font
    Copy
    Print
    Contents

    AAN HET KRUIS

    Zijn terneergeslagen discipelen volgen Hem op een afstand, achter de moorddadige bende. Hij is op het kruis genageld, en hangt aan het hout tussen de hemelen en de aarde. Hun hart is opgekropt van droefenis en angst, als hun geliefde Leraar daar als een misdadiger behandeld wordt. Vlak bij het kruis staan de door blinde godsdienstijver opgezweepte priesters en ouderlingen, en roepen honend en spottend: “Gij, Die de tempel afbreekt en in drie dagen opbouwt, verlos Uzelven. indien Gij de Zone Gods zijt, zo kom af van het kruis. En desgelijks ook de overpriesters met de Schriftgeleerden en ouderlingen en Farizeeën, Hem bespottende, zeiden: Anderen heeft Hij verlost, Hij kan Zichzelven niet verlossen. Indien Hij de Koning Israëls is, dat Hij nu afkome van het kruis en wij zullen Hem geloven. Hij heeff op God betrouwd; dat Hij Hem nu verlosse indien Hij Hem welgezind is; want Hij heeft gezegd: Ik ben Gods Zoon.” Mattheüs 27 : 40—43.USG1 232.2

    Jezus beantwoordde dit met geen enkel woord. Terwijl de nagelen door Zijn handen werden geslagen, en door de folterende doodsstrijd het zweef op Zijn gezicht stond, kwam van Zijn bleke, bevende lippen een gebed vol vergevensgezinde liefde voor Zijn moordenaars: “Vader, vergeef het hun; want zij weten niet wat zij doen.” Lukas 23 : 24. De gehele hemel aanschouwde dit toneel met intense belangstelling. De glorievolle Verlosser van een verloren wereld onderging de straf voor ‘s mensen overtreding van des Vaders wet. Hij kocht Zijn volk met Zijn eigen bloed. Hij voldeed aan de rechtvaardige eisen van Gods heilige wet. Hier zou ten sloffe een einde gemaakt worden aan de zonde en Safan, en zouden zijn heirscharen overwonnen worden.USG1 233.1

    O, was er ooit zo ', n lijden en smart gelijk de stervende Heiland onderging? Het was het gevoel van het misnoegen Zijns Vaders, dat Zijn beker zo bitter maakte. Het was niet het lichamelijke lijden, dat betrekkelijk zo spoedig een einde maakte aan hef leven van de gekruisigde Christus. Het was het verpletterende gewicht van de zonden der wereld, en het gevoel van de gramschap Zijns Vaders. De heerlijkheid en steun verlenende aanwezigheid des Vaders had Hem verlaten en wanhoop kwelde Hem met al haar somberheid en perste van Zijn bleke, bevende lippen de angstkreet: “Mijn God, Mijn God, waarom hebt Gij Mij verlaten?” Mattheüs 27 : 46.USG1 233.2

    In het scheppen der wereld was Jezus met de Vader verbonden geweest. Temidden van het lijden der doods strijd van de Zone Gods, bleven enkel verblinde en misleide mannen ongevoelig als een steen. De overpriesters en de ouderlingen beschimpen Gods geliefde Zoon in Zijn folterend lijden. Nochtans kreunt de onbezielde natuur uit medeleven met haar bloedende, stervende Schepper. De aarde beeft. De zon wil het toneel niet langer aanzien. Donkere wolken pakken zich saam aan de hemelen. Engelen zijn getuigen geweest van het toneel van lijden en smart, tot ze het niet langer konden aanzien en nu bedekken zij hun gelaat voor dat afschuwelijke gezicht. Christus sterft! De wanhoop verplettert Hem! Zijn Vaders welbehagen onttrekt zich aan Hem en engelen mogen de somberheid van dit afschuwelijke uur niet verlichten. Zij kunnen enkel in verbazing hun geliefde Aanvoerder, de Majesteit des hemels, zien lijden, wanneer Hij de straf ondergaat van ‘s mensen overtreding van Zijns Vaders wet.USG1 233.3

    Larger font
    Smaller font
    Copy
    Print
    Contents