Loading...
Larger font
Smaller font
Copy
Print
Contents
Uit De Schatkamer Der Getuigenissen, vol. 1 - Contents
  • Results
  • Related
  • Featured
No results found for: "".
  • Weighted Relevancy
  • Content Sequence
  • Relevancy
  • Earliest First
  • Latest First
    Larger font
    Smaller font
    Copy
    Print
    Contents

    HOOFDSTUK 81—“KAN NIET KOMEN”

    “Ik ben bezig een groot werk te doen”, zegt Nehemia, “en kan niet komen. Waarom zou het werk stil liggen, doordat ik het verliet en tot u kwam?” Nehemia 6 : 3 (N.V.).USG1 443.2

    Mij werd op 3 Januari 1875*)Het is een genoegen hier te kunnen wijzen op de genadevolle manifestatie van de Heilige Geest ten opzichte van Mevr. White aan de avond van 3 Januari 1875, toen ze leed aan een ernstige influenza en reeds een week aan haar ziekbed was gebonden, zodat de dokters van het “Health Institute” zich bezorgd maakten over haar geval. In deze toestand volgde zij de richtlijnèn, gegeven in het vijfde hoofdstuk van de Jacobusbrief, en, na een zware geloofsspanning, zoals bij de man uit het evangelie, die zijn verdorde hand uitstrekte, bereikte ze het punt dat ze bevrijd was van ziekte en pijn, en was ze spoedig in een gezicht, dat tien minuten duurde. Toen kleedde ze zich aan voor de vergadering, wandelde naar de kerk, sprak de aanwezigen twintig minuten toe, en wandelde naar huis. Sinds die tijd heeft ze veel geschreven en in alle vrijmoedigheid tot de mensen gesproken. Ze maakt nu toebereidselen voor de lange reis naar de kust van de Pacific. James White getoond, dat Gods volk geen enkel ogenblik zijn waakzaamheid moet laten verslappen. 1875, Vol. 3, blz. 570—575 Satan loert op ons. Hij is vast besloten Gods gebodenhoudend volk met zjjn verleidingen te overwinnen. Wanneer we hem geen voet geven, maar ons verdedigen tegen zijn listen, geworteld in het geloof, zullen we kracht bezitten om ons van alle ongerechtigheid verre te houden. Die de geboden Gods houden, zullen een kracht in het land zijn, indien ze leven naar het licht en de voorrechten, die ze hebben. Ze kunnen voor-beelden zijn van godsvrucht, heilig in hun wandel en gesprek. Naarmate de tijd nadert, dat Christus zal komen op de wolken des hemels, zullen Satans verleidingen met grotere kracht uitgaan naar hen, die de geboden Gods bewaren, want hij weet dat zijn tijd kort is.USG1 443.3

    Het werk van Satan zal gedaan worden door handlangers. Geestelijken, die de wet van God haten, zullen alle mogelijke middelen toepassen om zielen van hun trouw tof God af te brengen. Onze verbitterdste vijanden zullen gevonden worden onder de eerste-dags Adventisten. Ze zijn vastbesloten strijd te voeren tegen hen, die de geboden Gods bewaren en het geloof van Jezus hebben. Deze mensen beschouwen het als een deugd om met de bitterste haat tegen ons te spreken, te schrijven, en te werk te gaan. We moeten van hun kant geen eerlijke praktijken of gerechtigheid verwachten. Velen van hen worden door Satan bezield met een krankzinnige verdwaasdheid tegen hen, die de geboden Gods houden. We zullen belasterd en in een kwaad daglicht worden gesteld; al onze motieven en daden zullen verkeerd beoordeeld worden en onze karakters zal men aanvallen. De gramschap van de draak zal op deze wijze worden gemanifesteerd. Maar ik zag dat wij niet in het minst ontmoedigd behoefden te zijn. Onze kracht ligt in Jezus, onze Voorspraak. Wanneer we in alle ootmoed op God vertrouwen en bouwen op Zijn beloften, zal Hij ons genade en hemelse wijsheid geven om al de listen van Satan te weerstaan en als overwinnaars daaruit te voor-schijn te treden.USG1 444.1

    In mijn onlangs verkregen gezicht zag ik, dat het onze invloed niet zal ten goede komen, noch Gode behagelijk is, wanneer we naar wedervergelding streven of afkomen van ons groot werk tot hun niveau om hun kwaadspreken te weerleggen. Er zijn er die hun toevlucht zullen nemen tot alle mogelijke misleiding en grove leugens om hun doel te bereiken en zielen te bedriegen, alsmede om de wet van God en allen die haar willen gehoorzamen, te brandmerken. De ongerijmdste en gemeenste leugens zullen ze steeds en steeds naar voren brengen, tot ze op het laatst zelf gaan geloven dat ze de waarheid spreken. Dat moeten dan de sterkste argumenten zijn, die ze inbrengen tegen de Sabbat van het vierde gebod. We moeten ons daar niets van aantrekken en ons niet af laten halen van hef werk om de wereld te waarschuwen.USG1 444.2

    Larger font
    Smaller font
    Copy
    Print
    Contents