Loading...
Larger font
Smaller font
Copy
Print
Contents
Uit De Schatkamer Der Getuigenissen, vol. 1 - Contents
  • Results
  • Related
  • Featured
No results found for: "".
  • Weighted Relevancy
  • Content Sequence
  • Relevancy
  • Earliest First
  • Latest First
    Larger font
    Smaller font
    Copy
    Print
    Contents

    DE WAARHEID VERHEFT

    De waarheid van God zal nooit iemand op een lager peil brengen, maar zal degene die haar aanneemt, verheffen, zijn smaak veredelen, zijn oordeel heiligen, en hem vervolmaken voor het gezelschap van reine, heilige engelen in Gods Koninkrijk. Er zijn mensen, met wie de waarheid in contact komt, die grof, ruw, verwaand en eigenaardig zijn, die voordeel trekken van degenen, met wie ze in aanraking komen, ten eigen bate; zij dwalen in vele opzichten; nochtans wanneer ze de waarheid van harte geloven, zal deze een volslagen verandering in hun leven teweeg brengen. Zij zullen onmiddellijk met het werk der hervorming een aanvang maken.USG1 166.3

    De zuivere invloed van de waarheid zal de gehele mens veredelen. In zijn zakelijke verhandelingen met zijn medemensen zal hij de vreze Gods steeds voor ogen houden, hij zal zijn naaste liefhebben als zichzelve en zal iemand behandelen zoals hijzelve behandeld wil wor-den. Zijn conversatie zal betrouwbaar, gelouterd zijn, en van zulk hoog peil, dat ongelovigen daar geen munt uit kunnen slaan, of terecht van hem kwaad kunnen spreken en ook geen tegenzin krijgen door zijn onhoffelijke manieren en onvoegzaam gepraat. Hij zal de heiligende invloed van de waarheid in zijn gezin uitdragen en zijn licht voor hen zó laten schijnen, dat zij zijn goede werken zullen zien en Gode mogen verheerlijken. In zijn gehele levenswandel zal hij het leven van Christus laten uitkomen.USG1 167.1

    Aan de wet van God kan enkel voldaan worden door het volmaakte en door een absolute, algehele gehoorzaamheid aan al haar geboden. Komt men die geboden maar halverwege tegemoet, zonder er een absolute gehoorzaamheid aan te bewijzen, dan zal dat niets waard zijn. De wereldse mens en de ongelovige bewonderen vasthoudendheid, en zijn altijd overtuigd geweest dat God in der waarheid met Zijn volk was, wanneer hun werken in harmonie waren met hun geloof. “Zo zult gij dan dezelven aan hun vruchten kennen.” Mattheus 7 : 20. Elke boom wordt gekend aan zijn vruchten. Onze woorden, onze daden, zijn de vrucht, welke wij voortbrengen.USG1 167.2

    Er zijn velen, die de woorden van Christus horen, maar ze niet doen. Zij doen een gelofte, maar hun vruchten verwekken een afkeer bij de ongelovigen. Ze zijn opgeblazen, en bidden en spreken op een eigengerechtigde manier, verheerlijken zichzelven, hebben de mond vol van hun goede werken, en, evenals de Farizeër, danken ze God uit het diepst van hun hart, dat ze niet zijn als andere mensen. Toch zijn diezelfde mensen geslepen en in hun zakelijk leven afzetters. Hun vruchten deugen niet. In hun woorden en daden doen ze verkeerd en nochtans schijnt hun ellendige, wanhopige toestand niet tot hen door te dringen.USG1 167.3

    Mij werd getoond dat het volgende Schriftgedeelte van toepassing is op diegenen, die zich zo misleiden: “Niet een iegelijk, die tot Mij zegt: Here, Here, zal ingaan in het Koninkrijk der hemelen, maar die daar doet de wil Mijns Vaders, Die in de hemelen is. Velen zullen te dien dage tot Mij zeggen: Here, Here, hebben wij niet in Uw Naam geprofeteerd en in Uw Naam duivelen uitgeworpen, en in Uw Naam vele krachten gedaan? En dan zal Ik hun openlijk aanzeggen: Ik heb u nooit gekend; gaat weg van Mij, gij, die de ongerechtigheid werkt.” Mattheüs 7 : 21—23.USG1 168.1

    Ziehier de grootste misleiding, die van de menselijke geest bezit kan nemen; deze mensen denken dat ze op de goede weg zijn en ze staan op de verkeerde. Ze denken dat ze in hun godsdienstig leven een groot werk verrichten, maar Jezus trekt hun de kleren der eigengerechtigheid van het lijf en toont hun hun eigen ware gedaante met al hun verkeerdheden en de mismaaktheid van hun godsdienstig karakter. Dan ervaren ze dat ze gebrek hebben aan alles, terwijl het te laat is om in hun gebrek te voorzien. God heeft in middelen voorzien om de dwalenden op de goede weg te helpen; maar wanneer die dwalenden hun eigen weg willen volgen, en de middelen verachten, die Hij gegeven heeft om hen terecht te helpen en hen met de waarheid te verbinden, zullen ze in die positie gebracht worden, welke hier-boven door de woorden onzes Heren beschreven is.USG1 168.2

    God formeert een volk, met de bedoeling dat ze één zullen zijn in hun saamhorigheid, in hun spreken, om aldus het gebed van Christus voor Zijn discipelen te beantwoorden. “Ik bid niet alleen voor dezen, maar ook voor degenen, die door hun woord in Mij geloven zullen. Opdat zij allen één zijn, gelijkerwijs Gij, Vader, in Mij, en Ik in U, dat ook zij in Ons één zijn; opdat de wereld gelove, dat Gij Mij gezonden hebt.” Johannes 17 :20, 21.USG1 168.3

    Larger font
    Smaller font
    Copy
    Print
    Contents